Ga direct naar de inhoud van de pagina

Op zoek naar perspectieven voor natuur- en landschaps-inclusieve landbouw in Salland

De aandacht voor natuur-inclusieve landbouw neemt de laatste jaren sterk toe. Er is nu behoefte aan experimenteerruimte en perspectief: hoe ziet die landbouw en dat landschap van de toekomst eruit, en hoe verdient een boer daarin zijn brood?

Met de landbouwvisie ‘Waardevol en verbonden’ zet minister Schouten in op duurzame kringlooplandbouw met respect voor bodem, biodiversiteit, milieu en landschap. Ook veel boeren zetten al geruime tijd stappen richting een vorm van landbouw die meer in balans is met de natuur.

Salland als 1 van de 3 pilotgebieden

Het College van Rijksadviseurs zet pilots op in de Krimpenerwaard in Zuid-Holland (veen), De Marne in Groningen (klei) en Salland in Overijssel (zand) In de pilots wordt vanuit ruimtelijk, ecologisch en landbouweconomisch perspectief onderzocht hoe de transitie naar een meer natuur- en landschaps-inclusieve landbouw vorm kan krijgen. Samen met Salland Deal, lokale stakeholders en experts, waaronder boeren, overheden en maatschappelijke organisaties wordt in kaart gebracht hoe de transitie naar natuur- en landschaps-inclusieve landbouw vorm kan krijgen.

Boeren aan tafel: kennis van het gebied, de sector en het boerenbedrijf

Een belangrijk onderdeel van het traject is de kennis die boeren hebben van het gebied (ondergrond, water, natuur etcetera), van de agrarische sector en van het boerenbedrijf binnen dat gebied. We willen die kennis benutten door gezamenlijk perspectieven te ontwikkelen die ook vanuit de landbouweconomische kant kansrijk en realistisch zijn.

De transitie naar een meer natuur- en landschaps-inclusieve landbouw nemen we daarbij als uitgangspunt. De zoektocht is vervolgens hoe dat vorm kan krijgen op een manier die voor de boeren een goed verdienmodel oplevert én kwaliteit toevoegt aan natuur (bodem, water, biodiversiteit) en landschap.

Wat levert de pilot op?

  • Een wenkend toekomstperspectief, waarin een duurzaam, levensvatbaar landbouwsysteem in een aantrekkelijk en biodivers landschap wordt geschetst en waarin – naast de opgaven voor de landbouw – ook andere opgaven voor het platteland zijn meegenomen (onder meer wateropgaven, energieopgaven, natuuropgaven, etcetera). De uitwerking bevat een aantal uitsneden op verschillende schaalniveaus waarin gedetailleerd en helder gevisualiseerd wordt getoond hoe de landschaps-inclusieve landbouw er op ooghoogte uitziet, hoe het systeem erachter werkt en welke (ruimtelijke) ingrepen er nodig zijn om daar naartoe te werken.
  • Een gedetailleerde landbouweconomische uitwerking, waarin de haalbaarheid van de nieuwe verdienmodellen is doorgerekend en waarin richting wordt gegeven aan de financieel-organisatorische borging. Bestaande initiatieven, zoals 'Land van Waarde', worden hierin meegenomen.
  • Een landbouwtransitieplan opgesteld voor korte en middellange termijn. Dit landbouwtransitieplan moet in kaart brengen wat de knelpunten zijn in het huidige beleid en in de praktijk en handvatten bieden voor veranderingen. Hoe komen we van het hier en nu bij die stip op de horizon in 2050?
  • Doordat de pilots een samenwerking zijn tussen het Rijk en de regio worden het geleerde en de resultaten teruggekoppeld naar het Rijk. We kunnen daardoor inzichtelijk maken waar experimenteerruimte nodig is, welke regelgeving belemmerend werkt, waar extra investeringen nodig zijn, etcetera.

Samenwerking onder de loep

Naast deze producten zal ook de werkwijze van de pilot zelf (het samenwerken met belanghebbenden uit het gebied) belangrijke oogst op moeten leveren als het gaat om betrokkenheid en eigenaarschap. Het traject moet boeren, stakeholders en de verschillende betrokken overheden onderdeel maken van een gedeelde visie en een gezamenlijk werktraject, wat belangrijke 1e stappen zijn voor de (door)ontwikkeling en uiteindelijk de uitvoering van de voorstellen.

Overkoepelende analyse van de 3 pilots

Tot slot wordt voor alle 3 pilots tezamen een overkoepelende analyse gemaakt, waarin de algemene ‘geleerde lessen’ worden opgenomen. Hierbij zal ook aandacht worden besteed aan de knelpunten die niet regio-specifiek zijn. Deze analyse dient onder andere om richting te geven aan beleidshervormingen op verschillende niveaus; Rijk, provincie en gemeente.

Landbouwtransitie in gang zetten

Na afronding van het project is het doel dat de stakeholders, zowel het Rijk als de regionale partners (onder andere provincie Overijssel, de gemeenten Deventer, Olst-Wijhe en Raalte, waterschap Drents Overijsselse Delta), samen met de boeren, met de resultaten aan de slag gaan om de landbouwtransitie in het gebied in gang te helpen zetten en daarvoor de benodigde (experimenteer)ruimte creëren binnen bestaande wet- en regelgeving. De plannen zijn geen blauwdruk, maar geven richting en dienen als (gefundeerde) inspiratie voor een toekomstgerichte, volhoudbare, landschaps-inclusieve landbouw. Het College van Rijksadviseurs zal hierbij ook haar eigen netwerk inzetten om het draagvlak voor de plannen te vergroten en beleidsmatige hervormingen te stimuleren.